Springen vanaf de kant

  • Idee : algemeen
  • Niveau : Op weg naar A, Op weg naar B, Op weg naar C.
  • Voorbereiding : geen
  • Benodigdheden : water dieper dan 1,40 m, waar veilig in gesprongen kan worden.
  • Goed voor : afzet, te water gaan en uit water komen.
  • Groepsopdracht, sprongen.
  • Bestand : –

Springen vanaf de kant is een leuke en makkelijke manier als start, tussenopdracht tussen twee techniekblokken en als afsluiting.

Zorg voor voldoende tussenruimte tussen de leskinderen en ruimte vanaf de kant. Altijd met de tenen in het water of naar het water gericht. Beoordeel als zwemonderwijzer of de duik ook past bij het niveau van je kinderen.

Hierbij wat alternatieve ideeën :

  • Hondjessprong: in gebogen houding, losjes de armen naar beneden en water in plonsen.
  • Kikkersprong: Armen en benen ingetrokken, ellebogen wijzen losjes omhoog. Kwak als een kikker terwijl je springt
  • Kleermakerssprong : gehurkt zitten, met handen losjes op de benen en springen maar.
  • Schaatssprong : Normale sprong maar in de lucht proberen we een schaatsslag met de voeten te doen.
  • Chinees bommetje : bommetje met de armen over elkaar.
  • Japans bommetje : bommetje met de handen op de rug.
  • Kettingreactie sprong : met de hele groep naast elkaar, een voor een, op volgorde en commando het water in.
  • Flamingo of ooievaar sprong : op een been staan, de andere voet houden we vast of laten deze bengelen. En springen maar.
  • Bloemetjesprong : doe alsof je aan een heerlijk geurend bloementje ruikt terwijl je springt.
  • Ruitsprong : de handen boven het hoofd, druk je vingertoppen tegen elkaar, waardoor de ellebogen zijwaarts gaan en springen.
  • Dubbele ruitsprong : zoals hierboven, maar we drukken nu ook de knieën naar buiten, balanceer dus op de zijkant van je voet.
  • Sprong met klap : springen en in je handen klappen.
  • Slangesprong : rechtopstaand met de armen langs het lichaam en voeten tegen elkaar, kronkelen met je lijf en springen maar.
  • Spreidsluitsprong : tijdens het opspringen, de benen spreiden en meteen weer sluiten. Met gesloten benen in het water komen.
  • Dubbele spreidsluitsprong : zoals hierboven maar tegelijkertijd ook de armen spreiden en weer sluiten.
  • Zonnebrilsprong : spring in het water en zet een (fictieve) zonnebril op.
  • ijsjessprong : schep water als bolletje ijs op je fantasie hoorntje, spring en lik aan je favoriete ijsje.
  • Skisprong : Alsof we van de skihelling gaan : Door de knieën, voeten dichtbij elkaar, armen gebogen langs het lichaam. Bij de afzet benen uitstrekken en armen langs het lichaam houden.
  • Zijklapsprong : Springen en een tik geven op je linker of rechterzij.
  • Karatesprong : Op een been staan, het andere been schuin naar voren en schuin weg springen. Herhalen met het andere been voor. Het handigst is om deze sprong in een groep om en om te doen.
  • Kangoeroesprong : In een halve hurkhouding, met hangende armen (voorpoten) springen als een kangoeroe.
  • Superkruissprong : Armen gekruist voor de borst, voeten gekruist en springen maar.
  • Tweelingsprong : maak tweetallen met ruimte er tussen, de bedoeling is dat het tweetal tegelijk springt en elkaar kopieert in de beweging. Vertel vooraf deze beweging . Denk aan allebei de rechterarm omhoog, allebei een knipoog geven, allebei een high five, allebei je neus aanraken. Tweetallen raken elkaar niet aan tijdens de sprong.
  • Tijgersprong : spring als een tijger naar voren, start met de handen op het water, en ietwat geknield.